U bent hier: Home / Bureau De Kreek versus Geert Wilders

Bureau De Kreek versus Geert Wilders

by J.L. de Kreek — last modified 02-01-2014 13:25
Opgeslagen onder:

Bureau De Kreek heeft 03 juni 2013 een compact klaagschrift ingediend bij het Gerechtshof Amsterdam in verband met de niet vervolging van Geert Wilders door het Openbaar Ministerie. Bureau De Kreek beschuldigt Wilders van misdrijven tegen de veiligheid van de Staat en het Koninkrijk. Bij de redactie van Pauw en Witteman is een kopie van het beklag afgeleverd. De boodschapper is terstond op de naastgelegen redactie van De Wereld Draait Door mishandeld en gekeeld door drie of vier man.

Vandaag is door Bureau De Kreek weer een bericht voor het Hof afgeleverd. Een telefax. Indruk bestaat dat het Hof er geen zin in heeft. Weer Wilders. Weer bijlen aan de wortels van de onafhankelijke rechtspraak. Weer een deskundige raadsheer wat het Gerechtshof offeren moet om het Monster van Venlo tevreden te stellen. Mr De Kreek van BureauDeKreek.nl is als benadeelde partij toegelaten tot het tweede deel van het Wildersproces in 2011, dus ná de geslaagde wraking van mr. Moszkowicz 22 oktober 2010 (LJN:BO1532). Voorafgaande de toelating als belanghebbende heeft De Kreek dit begin oktober 2010 en daarna moeten onderbouwen, toelichten; hij kon niet ongemotiveerd toegang krijgen. Mede daardoor heeft hij uitgebreid gesproken met diverse personen van bewaking en beveiliging over de gronden en het oogmerk van zijn aanwezigheid. 

Daarbij is De Kreek ingegaan op het feit dat Wilders staat en bondgenoten benadeelt in de zin van art 102 Sr, dat de geslaagde aanslag 18 april 2008 in Afghanistan op eerste luitenant Dennis van Uhm en soldaat der eerste klasse Mark Schouwink toegerekend moet worden aan FITNA. De aanslag is opgeëist als onmiddellijke wraak op FITNA. Bovendien is Wilders tijdig gewaarschuwd voor een dergelijk risico wat FITNA meebrengt. Deze waarnemingen zijn keer op keer in die individuele niet door De Kreek geregistreerde contacten bevestigd door recherche e.d., door de personen die voortgaand de bewaking van Wilders verzorgen. Ook uit andere bronnen in diverse ministeries zoals defensie, justitie en economische zaken kreeg De Kreek informeel steeds bevestiging van de waarnemingen. De mannen die Wilders beveiligen moeten hem afgeven bij een Huis van Bewaring in verband met zijn aanhouding, voorgeleiding en voorarrest. 

Volgens Bureau De Kreek is het vanzelfsprekend dat de propaganda van Geert Wilders in particuliere hoedanigheid geen enkele toegevoegde waarde heeft. Uiteraard hoeft om te genieten van de bescherming van artikel 10 EVRM een uiting geen toegevoegde waarde te bezitten, alleen Geert Wilders maakt het bijzonder bont volgens De Kreek door bij en tijdens gewapende conflicten in islamitische landen met zijn recht op vrije meningsuiting de vijand op (aan) te hitsen (zetten) tot ongeoorloofd optreden tegen de belangen van Nederland en bondgenoten.

 De inhoud casu quo de bedoeling van de uitingen van Wilders in particuliere hoedanigheid is niet relevant. Door de algemeen bekende gewapende conflicten in islamitische landen kan en mag Wilders als prominent opiniemaker in particuliere hoedanigheid niet vormvrij zijn islamkritiek ten beste geven, bij gebreke waarvan hij misdrijven pleegt tegen de veiligheid van de Staat. Beweert De Kreek in zijn beklag bij het Gerechtshof. Dat Geert Wilders ook politiek ambtsdrager is draagt bij aan zijn culpa in particuliere hoedanigheid en is een strafverzwarende omstandigheid, staat er te lezen. 

Reeds middels de Wildersbeschikking van 21 januari 2009 (LJN:BH0496) is uitgemaakt dat FITNA in de particuliere hoedanigheid van Wilders valt. Dus vaststaat dat elk misdrijf van Wilders wat aan FITNA gerelateerd worden kan vervolgd moet worden zonder bij strafvervolging rekening te houden met zijn ambtelijke hoedanigheid. De toeschrijving van FITNA aan Wilders vindt plaats in het vonnis van 23 juni 2011 (LJN:BQ9001 r.o. 4.1.1). In die zaak is Wilders vrij gesproken voor discriminatie feiten. Niet ontvankelijk verklaring in verband met gebrek aan opportuniteit had voor de hand gelegden. 

In zijn bericht van 02 januari 2014 aan het Hof wijst De Kreek op de opinie van Rabbijn Van de Kamp in het Reformatorisch Dagblad van 28 december 2013. Volgens Van de Kamp dient de Nederlandse bevolking zich onmiddellijk en ondubbelzinnig uit te spreken tegen de beledigende anti-islamstickers van PVV-Kamerlid Wilders. Hij noemt het een aanranding van de menselijke waardigheid. Volgens De Kreek is het meer dan dat. Het is een aanranding van de veiligheid van de Staat en het Koninkrijk. Rabbijn Van der Kamp maakt volgens De Kreek de vanzelfsprekende vergelijking met de Jodenvervolging van 1940-1945. Die vergelijking trok hij ook in het Wildersproces 2011 door te stellen dat FITNA de moderne 'Ewige Jude' is om de genocide van Wilders op de islamieten in Irak en straks in Europa emotioneel aanvaardbaar te maken. Bovendien benadeelt Wilders met FITNA en nu zijn anti-islamsticker staat en bondgenoten bij en tijdens gewapend conflict in islamitische landen dus het Hof moet ingrijpen en Wilders opnieuw zijn debat bij de strafrechter vergunnen.

Share |
gearchiveerd onder:
comments powered by Disqus