U bent hier: Home / Deborah Lipstadt bewijst Holocaustbedrog

Deborah Lipstadt bewijst Holocaustbedrog

by J.L. de Kreek — last modified 08-04-2017 06:00
Opgeslagen onder:

Sinds kort draait de film “Denial” over de zaak van David Irving tegen Deborah Lipstadt en haar uitgever. Historicus Irving spande een zaak aan tegen professor Deborah Lipstadt en Penguin in verband met zeer ernstige beledigingen. Omdat meeste journalisten geen bronnenonderzoek doen en verzwijgen dat journalisten initiators zijn van de Holocaust, maken journalisten niet bekend dat deze zaak bewijst dat professional Deborah Lipstadt zich schuldig maakt aan een ernstige vorm van Holocaustbedrog.

Professor Deborah Lipstadt is historicus en “consultant” voor de “United States Holocaust Memorial Museum”. Ze is door Bill Clinton benoemd tot “United States Holocaust Memorial Counsel”. Ze sprak in februari 2007 over “soft-core denial” tijdens de “the Zionist Federation's annual fundraising dinner in London”. Omdat Deborah Lipstadt historicus is met toegang tot de informatie die nodig is om een afgewogen oordeel te vellen over de Holocaust bevreemdt het dat ze tot op de dag van vandaag niet de feiten op tafel legt die bewijzen dat journalisten met Zionistische achtergrond de Holocaust sinds 1895 professional hebben voorbereid.

Rechter Gray in de zaak van historicus David Irving tegen Holocaustbedrieger Deborah Lipstadt en Penguin in 2000 refereerde (herhaaldelijk) gedurende de behandeling van deze zaak en in het rechterlijk oordeel naar het gebrek van recht toe rechtaan gedocumenteerd bewijs (lineair bewijs) voor de gaskamers (alinea 6.80):

The consequence of the absence of any overt documentary evidence of gas chambers at these camps, coupled with the lack of archaeological evidence, means that reliance has to be placed on eye witness and circumstantial evidence,

 Opmerkelijk veel onafhankelijke en leidende deskundigen op het terrein van de Holocaust zeggen dat het feitelijke bewijs van de door Nazi's bediende moorddadige gaskamers, niet bestaat. Professor Arno J. Mayer, wiens Joodse familie in 1940 uit Luxemburg vluchtte, schreef in 1988 in zijn book 'Why Did the Heavens Not Darken' op bladzijde 362:

Sources for the study of the gas chambers are at once rare and unreliable.

En op bladzijde 362/3

Most of what is known is based on the depositions of Nazi officials and executioners at postwar trials and on the memory of survivors and bystanders. This testimony must be screened carefully, since it can be influenced by subjective factors of great complexity.

En op bladzijde 363

In the meantime, there is no denying the many contradictions, ambiguities, and errors in the existing sources.

Voorts is er de verklaring van professor Raul Hilberg, schrijver van het standaard werk 'The Destruction of the European Jews', als getuige deskundige in 1985 in de (ongetwijfeld bij Lipstadt bekende) zaak tegen Ernst Zundel. Naar aanleiding van vragen van de raadsman van Zundel is het volgende genoteerd:

(Vraag raadsman:) Can you give me one scientific report that shows the existence of gas chambers anywhere in Nazi-occupied territory?

(Antwoord Hilberg:) I am at a loss,

(Reactie raadsman:) You are (at a loss) because you can't,

Professor Robert Jan van Pelt (naar het schijnt Joods), expert op het terrein van Auschwitz en schrijver van het standaards werk 'Auschwitz' en in 2000 getuige deskundige in de zaak Irving vs. Penguin & Lipstadt, geïnterviewd voor 'the Toronto Star' in december 2009, geeft soortgelijke verklaringen:

(Interviewer:) By allowing nature to take over the site (Auschwitz-Birkenau), do we run the risk of allowing humanity to forget what happened and set the stage for future questioning of the Holocaust?

(van Pelt:) Ninety-nine per cent of what we know we do not actually have the physical evidence to prove . . . it has become part of our inherited knowledge.

Zo ook professor Holocaust Geschiedenis Christopher Browning, hij was in 2000 getuige deskundige in de zaak Irving vs. Penguin & Lipstadt. In zijn rapport voor de rechtbank zegt hij:

In particular, the documentation of mass killing by shooting in the territories occupied by Germany after June 1941 is quite extensive, while documents relating to gassing in Poland is scant. For gassing, therefore, witness testimony and circumstantial evidence play a much larger role.

Een soortgelijk oordeel levert Claude-Pressac auteur van AUSCHWITZ: 'Technique and Operation of the Gas Chambers'. Hij zegt zelfs dat er volledig gebrek is aan onweerlegbare bewijzen van de massa vergassing in Auschwitz:

"In the absence of any “direct”, i.e. palpable, indisputable and evident proof (lacking so far as we know at present) such as a photograph of people killed by a toxic gas in an enclosed space that can be perfectly located and identified, or of a label on a Krematorium drawing of a “Gaskammer um Juden zu vergiften / gas chamber for poisoning Jews” an “indirect” proof may suffice and be valid. By “indirect”, proof, I mean a German document that does not state in black and white that a gas chamber is for HOMICIDAL purposes, but one containing evidence that logically it is impossible for it to be anything else."

Ook de Franse historicus Jacques Baynac, zit op deze lijn. Hij verklaarde:

For the scientific historian a witness statement does not represent real history

En

it is necessary to recognize that the lack of traces involves the inability to directly establish the reality of the existence of homicidal gas chambers.

De waarheid is dat journalisten met Zionistische en dus zuiver antisemitische ambities in 1895 reeds de Holocaust bedacht hebben en samenwerkte met het Rothschild Syndicaat om antisemieten de Endlösung te laten uitvoeren. Het is de Zionisten uiteindelijk niet gelukt Hitler zes miljoen Joden te laten vermoorden. Robert Jan Pelt toont in zijn werk “Auschwitz” aan dat de crematoria gebrekkig werden opgeleverd en dat het personeel van IG-Farben (Rothschild company) en niet de SS de grootste beulen waren. Voorts is de kwalificatie “Holocaust” voor de Jodenvervolging zeer beledigend voor Joden omdat het impliceert dat Joden het bloedvergieten zelf veroorzaakt hebben. Journalisten en Zionisten en de familie Herzl, Jabotinsky, Rothschild, Rockefeller, Bush, Hitler, Asscher en Eichmann zijn hoofdschuldige aan de volkerenmoord op de Joden die niet voorbij is.

Het volgende, finale, deel van de Holocaust wordt 'as we speak' voorbereidt door Wilders, en de Telegraaf Media Groep en het Nieuw Israëlitisch Weekblad en al die andere journalisten van de MSM innig samenwerkend met de Zionisten. Probeer een journalist van de Telegraaf te wijzen op het opzichtige bedrog van de eigen beroepsgroep waarvan het marktleider is. Net als journalisten en Zionisten is Deborah Lipstadt een grote oplichter die met schandalig smerig en vuig Holocaustbedrog bijdraagt aan de voortbouwende Holocaust waarvan zij kennis heeft. Deborah Lipstadt is een Sonderkommando met een functie in de wetenschap. De Joden zijn vermoord door personen die zich voordoen als Joden en na de oorlog liegen dat zij gedwongen zijn door de Duitsers. De leden van Vereniging Erez Israël hebben de Joden vermoord en persen bij de Duitsers 'wiedergutmachung' af voor de dood van zes miljoen Joden terwijl de cijfers aannemelijk maken dat het er tussen de een komma zeven en drie komma drie miljoen Joodse slachtoffers zijn gemaakt - mede door de werkgever van Jorn Jonker en Bart Mos die al in 1922 bekend was met de plannen en zich blijkens berichten in de Telegraaf kon vinden in de voorzienigheid van het creatieve brein van de Holocaust die geluk bij een ongeluk is mislukt. 

Vandaag worden in Nederland op gezag van journalisten en Zionisten personen met Joodse achtergrond die het bovenstaande in andere vorm publiceren op bijvoorbeeld www.hetzuur.nl en www.nazitruth.nl vervolgd door Officieren van Justitie van het LECD. Huiszoeking, inbeslagnamen, uren lange verhoren, jaren lange procedures waarin journalisten en Zionisten het accepteren dat vrienden van hen de Rechtspraak bedreigen met “afschrikwekkende consequenties” om bovenstaande feiten te ontkennen of ervan weg te kijken. De journalisten van alle media accepteren op hun beurt ook weer de leugens en het bedrog, zonder zelf iets te onderzoeken. Iedereen praat elkaar na. Net als met 9/11 en de MH17 en AIDS. Een en al 'Lügenpresse'. Niemand onderzoekt goed wat de feiten zijn of ontkent wat keihard onweerlegbaar is. Dat is opzettelijk want met elkaar ambieert men de “complet realisation of the ideals of Herzl and Jabotinsky”. Herzl en Jabotinsky zijn twee prominente journalisten en opiniemakers die eind 19e eeuw en jaren dertig vorige eeuw de leiding hebben genomen als kwartiermakers van wat men als de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust is gaan kennen.

Deborah Lipstadt staat niet alleen in haar Holocaustbedrog. Veel, zeer veel, vooraanstaande of minder prominente personen zijn betrokken bij de voortgaande uitroeiing van de Joden en andere minderheden zoals de Semieten in Irak. Mede omdat Deborah Lipstadt net zo'n zieke Naziboer is als Esther Voet begrijpen meeste mensen ook niet dat de oprichting van Vereniging Erez Israël te Basel 1897 en de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust en de aanslagen in de VS 11 september 2001 en de aanlag op de MH17 en het referendumbedrog van Jan Roos en Thierry Baudet, allemaal het werk is van de terroristische organisatie van de helden van Geert Wilders waaraan personen voornoemd deelnemen.

Share |
gearchiveerd onder:
comments powered by Disqus