U bent hier: Home / Mevrouw mr. Etter Lamzak, advocaat Jeugdzorg

Mevrouw mr. Etter Lamzak, advocaat Jeugdzorg

by J.L. de Kreek — last modified 14-04-2014 18:10
Opgeslagen onder:

Mevrouw mr. Etter Lamzak is advocaat van een Bureau jeugdzorg. Ze heeft na de studie eerst een aantal jaar als secretaris bij de rechtbank Haarlem en de familiesector van het gerechtshof Amsterdam gewerkt. Ze heeft binnen het hof de overstap gemaakt naar een leidinggevende functie. Van 2006 tot 2010 heeft zij op de juridische afdeling van Bureau Jeugdzorg Noord-Holland gewerkt en in februari 2010 de overstap gemaakt naar de advocatuur. Als advocaat is zij gespecialiseerd in het familie- en jeugdrecht.

Mr. Lamzak geeft cursussen en trainingen aan advocaten, kinderrechters, studenten en (beleids)medewerkers in de jeugdzorg (Bureau's Jeugdzorg, gemeenten, GGD, Jeugd-GGZ e.d.) over het jeugdrecht, de Wet op de jeugdzorg/wetsvoorstel Jeugdwet, privacyvraagstukken, de gesloten jeugdzorg en over wet- en regelgeving in het sociale domein. Daarbij onderwijst zij nooit dat de medewerkers van deze instellingen volgens de wet verplicht zijn tot waarheidsvinding in de klassieke zin van het woord, zoals dat ook bij de Politie hoort. Waarheidsvinding is vanzelfsprekend in het belang van het kind besloten.

Daarnaast heeft mevrouw mr. Lamzak samen met mw. mr. J. H. een ouderschapswijzer ontwikkeld waarin op eenvoudige wijze en door middel van tekeningen wordt uitgelegd wie volgens de wet de ouders van het kind zijn, wie het gezag uitoefent en welke rechten en plichten daarbij horen. De ouderschapswijzer is bedoeld als praktische ondersteuning in de dagelijkse praktijk van de professional in de jeugdzorg. Alsof een professional in de jeugdzorg niet weet welke rechten en plichten er zijn.

De plicht tot waarheidsvinding wordt niet erkend door mevrouw mr. Etter Lamzak, advocaat van Jeugdzorg. Mevrouw mr. Lamzak is gespecialiseerd in jeugdzorgrecht of althans het recht van de jeugzorg professional. Doordat mevrouw mr. Lamzak bij de rechtspraak en de praktijk van de jeugdzorg heeft gewerkt en nu advocaat is, heeft zij vanuit diverse invalshoeken gezien hoe ingewikkeld het familie en jeugdrecht kan zijn. Het is dermate ingewikkeld dat mevrouw mr. Lamzak bij en tijdens haar bediening als jurist voor de justitiële overheid in het civiele kader niet begrepen heeft dat waarheidsvinding de eerste ambtsplicht is van haar oud-collega's.

In artikel 3 IVRK is bepaald dat het belang van het kind de eerste overweging moet zijn. Op de site van mr. Etter Lamzak vraagt de specialist zich af wat nu eigenlijk het belang van het kind is? “Jeugdzorg medewerkers knuppelen als weerloze zeehondjes is het belang van het kind”, denkt De Kreek van Bureau de Kreek op bureaudekreek.nl spreekwoordelijk juridisch bedoeld. Mevrouw mr. Etter Lamzak werkte voor de kinderbescherming en stelt semi-intellectueel de vraag omdat zij en haar collega's in strijd met de wettelijke ambtsplicht niet aan waarheidsvinding doen en de strafbare feiten verdoezelen want zij zien de bui natuurlijk lang en breed hangen met de aangifte van Bureau de Kreek tegen deze zieke vorm van georganiseerde en overigens ambtelijke criminaliteit.

Volgens mevrouw mr. Etter Lamzak verschillen ouders onderling of ouders en instellingen als Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming wel eens van mening. Toch zal er volgens de vrouw een beslissing genomen moeten worden over waar het kind woont, hoe de verdeling tussen de zorgtaken van de ouders is en of het kind dat ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd wel of niet thuis kan blijven wonen als ouders niet in staat lijken te zijn het kind een veilige en stabiele opvoedsituatie te bieden. Dat deze beslissing alleen genomen worden moet omdat instellingen als Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming zonder waarheidsvinding willen, vergeet mevrouw mr. Etter Lamzak propagandistische te melden. Wat is immers “ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd” of een “een veilige en stabiele opvoedsituatie”? Afwezigheid van waarheidsvinding is in ieder geval nooit goed als het om kinderbescherming gaat.

Mevrouw mr. Etter Lamzak richt zich voornamelijk op het verlenen van juridische bijstand aan professionals en jeugdzorgorganisaties. Daarom is het belang van de minderjarige niet de eerste overweging van mevrouw mr. Etter Lamzak. Zonder waarheidsvinding wil de jurist een steentje bijdragen aan een goede kwaliteit van de jeugdzorg. Dat mevrouw mr. Etter Lamzak zich schuldig maakt aan deelname aan internationale misdrijven of in ieder geval bedrijfsmatige kinderhandel in de zin van artikel 273 F van het Wetboek van Strafrecht zal haar later wanneer de zware jongens van recherche eindelijk het bevel bezitten tot strafvervolging over te gaan, door de strot geduwd worden. Ijs en weder dienende duurt het niet lang meer voordat mevrouw mr. Etter Lamzak haar eigen persoonlijke verdediging als verdachte in het beklaagde bankje op de rol genoteerd ziet staan.

Share |
gearchiveerd onder:
comments powered by Disqus