U bent hier: Home / UHP Hansje onrechtmatig

UHP Hansje onrechtmatig

by J.L. de Kreek — last modified 26-06-2014 15:50
Opgeslagen onder:

Aan de beschikking van de kinderrechter van de Rechtbank Oost-Brabant van 26 juni 2014 is goed te zien dat en waarom de UHP van Hansje, onrechtmatig is. Ook zijn er andere factoren waaruit blijkt dat Jeugdzorg onrechtmatig opereert. Uit de beschikking blijkt dat de UHP door Jeugdzorg is aangevraagd in het belang van de vader. De Rechtbank noemt als eerste de rechten van de vader tot omgang met de minderjarige zoals is vastgesteld in een zaak van 10 april 2014 met betrekking tot de contactregeling.

De kinderrechters beginnen de beschikking niet met het formuleren van de rechten van de minderjarige. Daaruit blijkt in een eerste oogopslag dat het belang van de minderjarige niet de eerste overweging is van de kinderrechters van de Rechtbank Oost-Brabant. Jeugdzorg verzoekt de UHP omdat de omgang tussen vader en kind niet van de grond komt. De jongen is 10 juni via een crisismachtiging uithuisgeplaatst. Daarbij zijn belanghebbenden niet gehoord. De beschikking is in strijd met artikel 430 lid 3 Rv ten uitvoer gelegd zonder betekening aan de partij tegen wie de executie zich richt.

 

In de beschikking van de Rechtbank in de zaak van de UHP van Hansje, stelt Jeugdzorg een heleboel ernstige zaken over de minderjarige en de moeder, zonder concrete feiten of omstandigheden te noemen waaruit het <<redelijke vermoeden>> blijken kan dat Hansje door één of meer van de in artikel 2J Wet op de Jeugdzorg (WJZ) genoemde risico’s in de noodzakelijke condities voor een gezonde en veilige ontwikkeling naar volwassenheid <<daadwerkelijk>> wordt bedreigd.

 

De risico's in artikel 2J WJZ zijn limitatief. Niet nakoming van een omgangsregeling door een ouder is geen risico als genoemd in artikel 2J van de Wet op de Jeugdzorg. De wet staat op internet dus jeugdzorg kan de wet kennen. Bovendien zijn medewerkers van de jeugdzorg verantwoordelijk voor de handhaving van de Wet op de Jeugdzorg dus zij zullen deze wet moeten kunnen dromen.

 

Van jeugdzorg is bekend dat het niet aan waarheidsvinding doet. De jeugdzorg medewerkers vinden dat waarheidsvinding niet van hen verwacht worden kan. Ook menen jeugdzorg medewerkers dat zij niet aan waarheidsvinding doen kunnen. De jeugdzorg bezit justitiële middelen in het civielrechtelijke kader. Vreemd dat het dan niet aan waarheidsvinding doen kan. Ook halen zij kinderen uit huis. Bij de jeugdzorg moet men weten dat kinderen die tegen de wil van ouders uit huis gehaald worden recht hebben op waarheidsvinding om de noodzaak van de gevangenneming aan te tonen. Waarheidsvinding is in het belang van minderjarigen besloten.

 

De beschikking van de rechtbank Oost-Brabant had niet ontvankelijk verklaring van de jeugdzorg moeten inhouden omdat de jeugdzorg door het gebrek aan waarheidsvinding niet aannemelijk maken kan dat wat het stelt op waarachtige feiten gebaseerden is. Jeugdzorg zegt zelf in de beschikking van de UHP van Hansje dat het voor de jeugdzorg onduidelijk is hoe het contact tussen Hansje en zijn vader in het verleden feitelijk geweest is. Ook stelt de jeugdzorg dat moeder Hansje belast met “informatie voor volwassenen uit de beschikking van de rechtbank”, waardoor er, nog voor de omgang is afgestemd, al klachtgedrag bij Hansje zou ontstaan.

 

Wie begrijpt kan het zeggen. Moeder geeft Hansje informatie voor volwassenen uit de beschikking van de rechtbank. Wie wel eens een beschikking van een rechtbank gelezen heeft zal daar nog nooit in gezien hebben dat informatie in de beschikking gekwalificeerd is als “informatie voor volwassenen”. De school heeft hier zorgen over, aldus jeugdzorg. De school heeft zorgen over informatie voor volwassenen uit de rechterlijke beschikking die de moeder aan haar minderjarige zoon geeft. Hansje gaat daardoor klagen.

 

Het staat allemaal in de beschikking van 26 juni 2014 van de Rechtbank Oost-Brabant. Hansje mag niet klagen. Hansje moet van de jeugdzorg gedwongen uit huis geplaatst bij vreemden om de vader omgang te hebben met zijn zoon. Jeugdzorg stelt dat er al vier jaar strijd is over de omgang. Dan nu in juni 2014 na vier jaar strijd moet het zware middel van de UHP worden toegepast om Hansje het omgangsrecht van vader op te dringen. Hansje moet ook uit huis geplaatst worden want de stichting heeft aangekondigd Hansje te willen observeren en daarnaast een onderzoek naar de moeder te willen doen. Andere kinderen die geobserveerd zijn door jeugdzorg hadden daarna smetstrepen in de schaamstreek en vertoonde kenmerken van mishandeling.

Share |
gearchiveerd onder:
comments powered by Disqus